Contact|

Jaarcongres Leve Het Jonge Kind


6 NOV 2018 | UTRECHT

10. Gelukkige kinderen in een gelukkige klas

Charlotte Visch, directeur, Child & Youth Affairs. Opleider en ontwikkelaar.

Werkvorm: workshop

Leerdoelen: De deelnemers gaan naar huis (en terug naar hun klas en school) met wonderlijke en praktische uitdagingen voor de kinderen in de klas, waardoor kinderen respectvol en warm met elkaar omgaan. Geen nieuwe methode, maar een andere manier van werken die geïntegreerd is in je dagelijkse lesgeven.

Doelgroep: Leerkrachten

Leeftijdscategorie: Jonge kinderen (4-6 jaar)

De leerkracht onderwijst, voedt op, stimuleert emotionele ontwikkeling en leert sociale vaardigheden aan in groepen kinderen met zeer verschillende achtergronden en gezinnen. Dat kan je niet alleen, dat hoef je niet alleen. Ga aan de slag met een geïntegreerde aanpak binnen je lessen met wonderlijke, vrolijke en effectieve uitdagingen. Geen aparte lesmethode, dus geen extra tijd kwijt.  Ontdek hoe je samen met de kinderen de warme respectvolle sfeer creëert waardoor kinderen beter leren en jij meer m.e.n.s. wordt: MetEnergieNaarSchool.
 

Een warm klassenklimaat Kinderen leven in verschillende omstandigheden: in een pleeggezin, in een één-oudergezin, in een tehuis, bij hun grootouders of ouders, in een opvangcentrum of om-om-bij hun gescheiden ouders. Deze kinderen gaan allemaal naar school en ze hebben allemaal de wens om daar gezien, gehoord en begrepen te worden als mens. Kinderen zijn mensen in een jong lichaam. Ze zijn niet per definitie schattig, klein of onbezorgd. Kinderen hebben zorgen: wie wil er vandaag met me spelen, zal mijn beste vriendin wel altijd mijn BFF blijven, begrijpt de juf dat ik bang ben voor water en dus niet mee durf met schoolreisje naar dat leuke pretpark met een zwembad, weet de meester wel dat hij met me kan praten en niet zo streng hoeft te doen, omdat ik dan bang voor hem word, snappen de andere kinderen hoe erg het is als je moeder dood is, als je niets snapt van rekenen, als je lezen haat!
En al die kinderen hebben hun eigen oplossing om de dag door te komen: op school aanpassen en thuis de beest uithangen. Net doen alsof je alles leuk vindt. Alleen weet zo niemand wie je echt bent. Doen alsof je het antwoord niet weet (onderpresteren) want dan val je niet op. Snel boos worden en anderen slaan, want dan gaan ze het daarover hebben en ontdekken ze niet dat je niet kunt lezen en je daarvoor schaamt. Hulpeloos doen, zodat de tijd voorbijgaat zonder dat je iets hebt gedaan, want je wilt naar buiten: lekker spelen en vrij zijn! Wat een geheimen, wat een angsten! Zo wordt het voor de leerkracht erg ingewikkeld om invloed uit te oefenen op de groep en ze te leiden naar de volgende leerdoelen.

Wanneer de diepste overtuigingen en beweegredenen van kinderen zo verborgen blijven wordt de sfeer in de groep er niet leuker op en de stress en spanning bij de leerkracht neemt uiteraard toe. Iedere leerkracht wil natuurlijk graag werken met kinderen die zin hebben om te leren, sociaal zijn en vrolijk. En samen met de kinderen aan het werk in een warm klassenklimaat, waar kinderen elkaar helpen, respect hebben en zelfstandig zijn: wat een weelde! Maar met zoveel verschillende soorten kinderen, overheidseisen en duobanen is het erg lastig geworden om een groep kinderen sociaal aanvaardbaar gedrag te leren en te helpen om vriendelijk en respectvol naar elkaar te zijn. En dat niet alleen voor hen, maar ook voor jou, zodat het leuk en fijn is om naar school te gaan. Je wilt geen irritatie ervaren naar die ene ouder, frustratie voelen over dat kind, geen wanhoop en machteloosheid hebben, omdat je niet weet hoe te reageren op brutale kinderen, die voortdurend grensoverschrijdend gedrag laten zien. Je hebt het beroep gekozen uit idealisme of omdat lesgeven aan kinderen je geweldig leek. De realiteit van alle dag haalt heel veel leerkrachten in: is het nog wel een leuk vak? Natuurlijk! En het kan echt anders.

Het lijkt wellicht nu nog een onmogelijke taak: al die kinderen met elkaar verbinden om ze tot een groep te maken, zodat ze respectvol zijn naar elkaar en ook nog enthousiast leren!
Dat vergt wel wat van jou als leerkracht: een bijzondere attitude. Een attitude waarbij jij bereid bent anders op kinderen te reageren. Soms zelfs tegengesteld aan wat je op de pabo hebt geleerd of er op je huidige school wordt gepropageerd.
Naast je voortdurende houding van oprechte nieuwsgierigheid naar de diepste beweegredenen van de kinderen, wordt er van je gevraagd om alert te zijn op momenten waarbij je ‘coaching-on-the-spot’ kunt toepassen ten behoeve van de emotionele educatie.


Daar waar kinderen botsingen hebben, help je ze actief met:

  • Contact maken
  • Vragen stellen aan elkaar
  • Aanvaarden wat de ander zegt vanuit diens zienswijze en waarheid
  • Overleggen
  • Tot een oplossing komen


Daar waar kinderen in psychische pijn zijn en grensoverschrijdend gedrag tonen, ben je er om:

  • Te demonstreren hoe je achter gedrag kijkt
  • Een kind in pijn troost. Tijd nemen voor elkaar. Dat begint met tijd nemen voor jezelf als kind en jezelf serieus nemen. Wat weet ik over mezelf? Hoe zit ik emotioneel in elkaar? Hoe troost ik mijzelf? Wat heb ik nodig om vol zelfvertrouwen door het leven te gaan? Hoe leuk en lief vind ik mijzelf? Wie zichzelf kent, wil de ander kennen. Wie zichzelf lief vindt, kan de ander lief vinden. Wie zelfstandig is, geeft anderen de ruimte om hun eigen weg te gaan.
  • Durf jij de kinderen echt centraal te zetten en je eigen gedrag te veranderen, zodat iedereen daar veel plezier van heeft? Heb je er zin in om samen met de kinderen de omwenteling naar een warm klassenklimaat, waar iedereen gelukkig is, in gang te zetten?

Uitgangspunten voor een warm klassenklimaat

  • Allen voor één en één voor allen: heeft één kind een probleem, dan heeft ieder kind zorg (geen verantwoordelijkheid) voor dat kind.
  • De kinderen brengen elkaar niet in gevaar: niet lichamelijk (knijpen, slaan, schoppen) en niet psychisch (schelden, vernederen)
  • Oprechte nieuwsgierigheid is de basis waarop kinderen, ouders en leerkrachten met elkaar omgaan
  • De leerkracht is onderdeel van de groep en gelijkwaardig aan kinderen en ouders, maar is hoger in rang betreffende kennis, vaardigheden en attitude in de klas.

Gelijkwaardig, maar natuurlijk niet gelijk!

  • De leerkracht demonstreert actief (en ontspannen) alle zeven ‘zelfjes’ in het contact met kinderen en ouders
  • De leerkracht demonstreert als mens en vanuit moreel besef aan de kinderen hoe een gezonde, warme en liefdevolle omgang met elkaar tot een warm klassenklimaat leidt. En een gelukkig leven.
  • De leerkracht is consequent in contact maken en benadert ieder kind als een uniek persoon met unieke wensen en behoeften. Geen gelijke monniken, gelijke kappen meer!

Charlotte Visch, 2018 Ontwikkelaar EmoE-training (Emotionele Ontwikkeling in het basisonderwijs)